Algemene Dartregels en regels van sportiviteit in een beknopte versie.
 
ALGEMENE DARTREGELS
 
Er zijn regels die voor elke spelvorm van het darten gelden.
Dit zijn de volgende:
• Elk dart mag gebruikt worden zolang het totale gewicht onder de 55 gram blijft.
• Het bord en de oche zijn zo opgesteld zoals is beschreven bij werpafstand en bordhoogte. 
• Aan het begin van de partij wordt er om de Bull's eye gegooid. De speler die 
het dichtst bij de Bull's eye gooit mag de partij beginnen. 
Als de eerste speler in de Bull's eye gooit mag de pijl uit het bord worden gehaald, om het voor de volgende speler makkelijker te maken om ook in de Bull's eye te gooien. Als ook hij/zij in de Bull's eye gooit moet er door beide spelers opnieuw gegooid worden. 
• Elke speler gooit maximaal drie pijlen per beurt.
• Als een speler voorbij de lijn gaat staan wordt dat als overtreding beschouwd en tellen de gegooide punten niet.
• Een speler mag zover over de lijn hangen als hij/zij zelf wil, als hij/zij met de voeten maar achter de lijn blijft.
• De score wordt geteld zoals de pijlen het bord raken.
• Als een pijl uit het bord valt wordt deze niet geteld.
• Als een pijl in de shaft van een andere pijl blijft hangen (een Robin Hood genaamd) dan wordt ook van deze dart geen punten geteld.
• De speler die gooit moet het met zijn tegenstander of de teller eens zijn over 
de score alvorens hij/zij de pijlen uit het bord haalt.
 
DARTS ETIQUETTE
 
Darts is een sport waar echte etiquette voor is. Er worden bepaalde dingen van   je verwacht als speler, teller of toeschouwer. Natuurlijk zijn er altijd mensen die zich hier niet aan houden, maar die mensen zijn gewoon onfatsoenlijk of slechte verliezers. Als je jezelf een beetje aan onderstaande etiquette houdt zul je zien dat je veel meer waardering van je mede darters zult vergaren.
 
Regel 1: Wees een sportman.
Een darter schudt altijd aan het begin van de partij de hand met zijn 
tegenstander en wenst hem succes. 
Maar ook na de wedstrijd geef je de tegenstander een hand, zeggende dat hij/zij goed gespeeld heeft, of je nu hebt verloren of gewonnen.

Regel 2: Zorg dat je je tegenstander op geen enkele manier afleidt.
Omdat er bij darten veel van je concentratie wordt gevraagd is het belangrijk dat je door niets of niemand afgeleid wordt. Niet door je tegenstander maar ook zeker niet door het publiek.
Hier even de punten op een rijtje:
• Praat nooit tegen de speler die moet gooien.
• Ga niet staan te roepen of schreeuwen na elke dart die je hebt gegooid.
• Wacht tot je tegenstander alle 3 darts heeft geworpen voordat je hem complimenteert met zijn worp.
• Maak nooit plotselinge bewegingen als een speler aan het gooien is. Dit geldt voor zijn tegenstander en ook voor de teller. Het is vooral belangrijk dat de teller stil staat, die staat natuurlijk pal voor de speler wanneer hij/zij gooit.
• Het beste is nog als de tegenstander achter de speler staat als hij/zij moet gooien.
• De toeschouwers moeten stil zijn op het moment dat er gegooid moet worden.
• Niemand anders dan een teammaat of de teller mag de speler vertellen welke score er gegooid is.
• Wat er door de speler is gegooid mag alleen aan de speler verteld worden als daarom wordt gevraagd.
• Niemand behalve de teammaat, zelfs niet de teller, mag de speler vertellen wat hij/zij met de volgende pijl moet gooien.
 
Regel 3: Eerst schrijven, dan pijlen uit het bord halen.
Om onenigheden te voorkomen is het belangrijk ervoor te zorgen dat pas als de score is opgeschreven, de pijlen uit het bord worden getrokken.
 
Regel 4: Wees een goede verliezer.
Waardeer wat andere spelers bereikt hebben. Als een andere speler van je wint, zorg dat je daar mee kunt leven. Houdt altijd in gedachten dat als jij iets goed hebt gegooid dat je er ook blij mee zou zijn, en wees dus ook blij voor je tegenstander. 
Dit toont dat je een goed sportman bent, maar het zorgt er ook voor dat je zelf ontspannen blijft. Je zult altijd beter gooien als je ontspannen blijft dan wanneer je je boos maakt of gespannen bent.
 
De baan.
image003 Voor een wedstrijdbaan is een minimale ruimte nodig met een lengte van 4 meter, een breedte van 3 meter en een hoogte van 3 meter. Thuis kan er ook met een kleinere ruimte worden volstaan. Het dartbord moet zo worden opgehangen dat het midden van het bord 
(de bullseye) 1,73 meter (5 ft 8 in) boven de vloer hangt. De afstand van de werplijn (oche, uitspraak: 'okkie') tot de voorkant van het dartbord bedraagt 2,37 meter (7 ft 9¼ in). De oche moet minimaal 61 centimeter (2 ft) breed zijn.
 
Ter controle van deze 2 afmetingen kan de diagonale lijn tussen het hart van het dartbord tot de oche gemeten worden. Deze behoort dan 2,93m te zijn. Naast het dartbord hangt vaak een scorebord. Verder moet er voldoende verlichting aanwezig zijn, zodanig dat er geen hinderlijke  schaduw op het bord ontstaat als de darts in het bord zitten.
 
Het dartbord.
 
image004 Het wedstrijdbord dat tegenwoordig gebruikt wordt komt uit Londen. Het dartbord bestaat uit een ronde vezelplaat van 18 millimeter dik, waarop sisalvezelborsteltjes onder grote druk gelijmd en geperst worden. Het geheel wordt omlijst door een metalen band. Het bord wordt voorzien van een vakindeling door middel van verschillende kleuren. Vervolgens wordt er een metalen web op bevestigd dat diezelfde vakindeling heeft. De functie van dit web is er voor te zorgen dat altijd duidelijk is in welk vak een dart gegooid is. Op de buitenzijde wordt een metalen ring aangebracht waarop volgens de vakindeling bepaalde cijfers zijn bevestigd.
 
Deze ring is los te maken, zodat de cijfers ten opzichte van het bord verschoven kunnen worden. Het is de bedoeling dat het vak (bed) 20 middenboven zit. Op deze 20 wordt normaal gesproken het meest gegooid. Hierdoor zal de bodemplaat dan ook in dit vak het eerste kapot gaan. Elke dart die gegooid wordt tast de vezeltjes van het bord aan. Door de lijmlaag valt het bord niet uit elkaar, maar na verloop van tijd wordt op bepaalde plaatsen een opeenhoping van vezeltjes zichtbaar, in de vorm van bulten. Om dit te voorkomen dient het bord om de zoveel tijd gedraaid te worden, zodat het cijfer twintig weer boven een nieuw, minder gehavend deel van het bord staat. De 20 staat wel altijd boven een zwart deel. 
Moderne sisalvezelborden moeten beslist niet geregeld worden natgemaakt zoals nog wel wordt gedacht.
 
Puntentelling.
image005
 
De ring met getallen op het dartbord geeft het aantal punten aan voor een pijl in het desbetreffende vak. Deze vakken zijn echter onderverdeeld in nog een aantal kleinere vakken. De buitenste smalle ring van het bord is de double ring. De score van een dart in de 
double ring is twee keer het aantal punten dat bij het betreffende vak staat. De bredere ring die nu volgt, het bed, levert eenmaal het puntenaantal van het betreffende vak op. Dan volgt weer een smalle ring, de triple (of treble) ring. Deze levert drie maal het puntenaantal op. De volgende brede ring is weer een bed. Ten slotte is er in het midden de single bull en de double bull (bull's eye), respectievelijk 25 en 50 punten. Een dart in de buitenste zwarte rand (naast de double ring) levert geen punten op. Ook een bouncer, een dart die van het bord terugkaatst heeft geen score tot gevolg.
 
Dartpijl.
image006
 
Een dart is een pijl die wordt gebruikt bij het darten. Een setje darts bestaat uit drie pijlen. Elke beurt worden deze van een afstand in het dartbord gegooid om punten mee te scoren.
De pijl mag niet zwaarder zijn dan 50 gram en niet langer zijn dan 30,5 centimeter. Een dart bestaat uit vier onderdelen: de flight, de shaft, de barrel en de punt. Sommige mensen zeggen dat de dart uit drie onderdelen bestaat. Zij rekenen de punt en barrel als één onderdeel.
Wat de beste darts zijn is afhankelijk van je eigen stijl en voorkeur. Het is de bedoeling de darts horizontaal in het bord te krijgen. Als de dart te verticaal in het bord staat, met de punt naar onderen gericht, is de pijl te zwaar of de shaft te licht. Als de dart in het bord hangt, 
is de pijl te licht of de shaft te zwaar. De stand van de dart kan ook beïnvloed worden door de lengte van de shaft en de vorm van de flight.
 
Flight.
De flight zorgt ervoor dat de dart stabiel door de lucht vliegt en goed in het dartbord terecht komt. Normaal gesproken heeft een flight 4 vleugels, maar tegenwoordig zijn ze er ook met 3 vleugels, de tri-fin. Voor tri-fin flights heb je ook aparte shafts nodig. De flight is verkrijgbaar in veel verschillende soorten, maten en opdrukken. Het is het kwetstbaarste deel van de dart en moet regelmatig vervangen worden.
 
Flight protector.
Een flight protector zorgt ervoor dat de flight niet zo snel beschadigd raakt 
als er een andere pijl op wordt gegooid. Hierdoor krijgen de flights een langere levensduur . 
Daarnaast zorgt de flight protector ervoor dat de flight goed gespreid blijft, 
wat belangrijk is voor een stabiele vlucht van de dart. 
Op de afbeelding hiernaast is ook zo'n flight protector te zien.
 
Shaft
De shaft is het gedeelte tussen de flight en de barrel en wordt meestal van aluminium of kunststof gemaakt. De shaft 'houdt' de flight vast. Ook de shaft is in veel verschillende maten en materie verkrijgbaar. Het is een redelijk kwetsbaar onderdeel van de dart. Een metalen shaft kan krombuigen en een shaft van kunststof kan afbreken.
 
Barrel
De barrel is het gedeelte dat wordt vastgehouden door de darter. De barrel kan veel verschillende 'grips' hebben: gladde grip, grip met veel profiel, et cetera. De barrel bepaalt voor het grootste gedeelte het gewicht van de dart, hierdoor zijn er ook veel verschillende barrels met betrekking tot de lengte, de breedte en het gewicht.
 
Punt (point) 
De punt of point is gemaakt van metaal, vaak voorzien van een dun chroomlaagje, of van plastic (soft-tip). Bij de meeste darts zitten de punten vast in de barrel geklemd. Bij soft-tip darts zijn de punten vaak door de darter verwisselbaar, omdat de plastic punten snel kunnen afbreken. Deze plastic punten worden gebruikt voor elektronische dartboarden. Als de metalen punt bot is geworden, kan je deze slijpen met een slijpsteentje. Doe dit echter zo weinig mogelijk. Voor gebruik dient het slijpsteentje nat gemaakt te worden. Zo vormt er minder snel een groef in de slijpsteen.